Actieposter voor het verlagen van de maximum snelheid

Vragen aan college over effectiviteit 30 km-zones

Ons raadslid Coen van der Gugten stelde vragen aan het college m.b.t. het functioneren en de effectiviteit van de 30 km zones in de gemeente. Rode draad is op al deze plekken dat de inrichting van de 30 km-zone niet leidt tot passend gedrag (als "gast") door automobilisten en bromfietsers/scooterrijders en dat de politie op grond van dat feit geen kans ziet effectief te handhaven en het daarom ook niet doet.

De laatste tijd wordt steeds duidelijker dat 30 km-zones vaak niet de hogere veiligheid bieden die langzame gebruikers, zoals fietsers, voetgangers en spelende kinderen van zo'n zone verwacht.

Ook uit landelijke berichtgeving blijkt dat veel van deze zones gevangen zitten in een patstelling tussen de kwaliteit c.q. effectiviteit van de inrichting en de mogelijkheid die de politie ziet om effectief te handhaven. Met als gevolg dat een 30 km-zone soms gevaarlijker is voor langzame gebruikers dan het standaardregime dat eerder op zo'n plek van toepassing was.

In Maastricht wordt inmiddels ook duidelijk dat diverse 30 km-zones niet aan de verwachtingen voldoen. Enkele voorbeelden: Op de Bilserbaan wordt zó hard gereden, dat een aantal bewoners hun kinderen niet meer in die straat durven te laten spelen. Op de provisorisch als 30 km-zone ingerichte Mergelweg blijken de snellere gebruikers te verharden in hun gedrag t.o.v. langzame recreatieve gebruikers. De Brusselsestraat is een standaard stuk plankgas geworden voor veel auto's die de binnenstad verlaten en vrachtauto's respecteren nog al eens niet de veilige ruimte voor tegemoetkomende fietsers. In de Victor de Stuersstraat wordt na het weghalen van het verplicht zigzaggen naar waarneming van bewoners vaker véél te hard gereden door gemotoriseerde weggebruikers.

Rode draad is op al deze plekken dat de inrichting van de 30 km-zone niet leidt tot passend gedrag (als "gast") door automobilisten en bromfietsers/scooterrijders en dat de politie op grond van dat feit geen kans ziet effectief te handhaven en het daarom ook niet doet. Lange, rechte wegdelen, zonder snelheidsbeperkende maatregelen als drempels, versmallingen en zigzag objecten, lijken daarbij een hoofdrol te spelen.

Dat geeft aanleiding tot de volgende vragen:

1.     Is het college op de hoogte van deze, ook landelijk spelende, problematiek rond de effectiviteit van ingestelde 30 km-zones?

2.     Welke 30 km-zones heeft het college in Maastricht in beeld als het gaat om de hierboven beschreven problematiek?

3.     Is deze problematiek voor het college aanleiding de inrichting van huidige en toekomstige 30 km-zones te heroverwegen op aspecten van effectiviteit?

4.     Welke prioriteit hebben in dit verband aspecten van veiligheid in 30 km-zones in b.v. woonbuurten?

5.     Wat denkt het college bij de inrichting van 30 km-zones op aspecten van inrichting te verbeteren?

6.     Welke communicatie, zowel in frequentie als met welke inhoud, is er met de politie over handhaving in 30 km-zones?

7.     Wanneer kan het college de raad een evaluatie doen toekomen over de effectiviteit van 30 km-zones in Maastricht?

Namens de fractie van GroenLinks Maastricht,

Coen van der Gugten, raadslid